WIE KAN ZICH ADVOCAAT
NOEMEN ?
Een advocaat moet: |
| |
- een diploma Licentiaat
in de Rechten behaald hebben
- ingeschreven zijn aan de balie
- zijn eed afgelegd hebben voor het hof van beroep
- drie jaar stage gelopen hebben bij een ervaren advocaat
- bekwaamheidsattest behaald hebben na examens |
|
WAT IS HET VERSCHIL TUSSEN EEN ADVOCAAT
EN EEN NOTARIS ?
Een notaris is een openbaar ambtenaar, bevoegd om authentieke
akten te verlijden, die in bewaring te houden en er grossen, afschriften
en uittreksels van uit te geven. In gewone mensentaal dus iemand
die officiële documenten opstelt. Een notaris heeft hetzelfde
diploma behaald als een advocaat maar studeert hierbij nog 1 jaar
‘Notariaat’ en loopt dan 3 jaar stage bij een notaris.
Hooghe, licentiaat, rechten, advocaat, notaris,
deontologie, beroepsgeheim, onafhankelijkheid, derden, rekening,
belangen, advies, pro deo, prodeo, ereloon, kosten, verhaalbaarheid,
echtscheidingswet, 229, 23
SPECIFIEKE BEROEPSREGELS
Deontologie
Na zijn eedaflegging is de advocaat aan duidelijk omschreven
en strenge deontologische regels onderworpen. Hij staat onder
het toezicht van de stafhouder en van de raad van de Orde. Zij
zijn door de wet gelast om de waardigheid, rechtschapenheid
en kiesheid van het beroep te doen naleven.
Zie
reglementen Orde van Vlaamse Balies en Nationale Orde
Beroepsgeheim
De advocaat mag wat hem is toevertrouwd niet openbaar maken.
Hij kan dan ook vertrouwelijke onderhandelingen voeren die kunnen
leiden tot een minnelijke regeling, vertrouwelijk corresponderen
met andere advocaten : wat hem toevertrouwd wordt, blijft geheim.
Onafhankelijkheid
De advocaat hangt niet af van de overheid, de rechter of de
cliënt en is bovendien vrij van elk vooroordeel. Het is
hem niet toegestaan mensen met tegengestelde belangen te verdedigen.
De derdenrekening
De advocaat moet een afzonderlijke rekening gebruiken om voor
cliënten of derden financiële verrichtingen te doen.
Deze rekening wordt "derdenrekening" genoemd, en beveiligt
de belangen van de dienst of van derden die de advocaat gelden
hebben toevertrouwd met het oog op een welbepaalde bestemming
of bestemmeling.
Uw advocaat
kan u terzake de nodige inlichtingen verstrekken ! |
|
|
| |
 |
UW BELANGEN IN GOEDE HANDEN
U staat er niet alleen
voor !
Of het nu privé of zakelijke belangen betreft, met een
advocaat staat u er nooit alleen voor. Uw advocaat staat immers
aan uw kant en kan veel voor u realiseren, vooral door preventief
advies. Dit is het belangrijkste gedeelte van zijn taak. Door
tijdige consultatie en advies worden veel processen en drama’s
vermeden. Daarom wordt de advocaat ook raadsman genoemd. Op
basis van zijn gespecialiseerde kennis en ervaring, reikt hij
integere en eerlijke antwoorden op uw vragen aan. Antwoorden
waardoor u beslissingen in vol vertrouwen kan nemen.
Aan welke situaties moet u hierbij denken ?
De verscheidenheid aan situaties waarin een advocaat u uitstekende
diensten kan bewijzen, is enorm. Als specialist kent hij het
recht en de procedure. Daarnaast heeft hij de mogelijkheden
om u uitgebreid over elke tak van het recht te informeren. Zo
zal hij bijvoorbeeld een antwoord kunnen formuleren op volgende
vragen :
| |
- Het loopt mis met de bouw van
onze woning, wat kunnen wij doen ?
- De schilderwerken die ik heb laten uitvoeren vallen veel
duurder uit dan vermeld in de offerte, wat kan ik doen ?
- Wij gaan scheiden, is de nieuwe echtscheidingswet op ons
van toepassing ?
- Mijn vrouw wil een zelfstandige zaak beginnen, is ons huwelijkscontract
hierop voorzien ?
- Mijn buurman bouwt een garage tot tegen de gemeenschappelijke
haag, kan ik hier iets tegen doen ?
- Mijn onderneming draait niet zo goed, wat kan ik doen ?
- Ik werd op staande voet ontslagen, wat nu ? |
Welke garantie heeft u op een gefundeerd antwoord ?
De advocaat voltooit een vijfjarige opleiding, loopt
drie jaar stage bij een stagemeester en behaalt een bekwaamheidsattest.
Hij beschouwt beroepsvorming als een wezenlijke plicht en voorziet
hierin door het lezen van juridische tijdschriften en het volgen
van studiedagen. Maar zijn ervaring uit de dagelijkse praktijk,
die hem telkens noopt tot grondig onderzoek van het concrete
probleem, biedt de beste garantie voor een gefundeerd antwoord.
Wat doet de advocaat naast het geven van advies ?
De advies- en verzoenende functie is belangrijk, maar
zij is niet de enige. De advocaat kan u bijstaan bij onderhandelingen,
bemiddelingen, en bij het opstellen van contracten. Hij kan
voor u optreden voor verschillende rechtbanken,hoven en overheden.
Wat wordt er bedoeld met de specialisaties?
Door jarenlange ervaring hebben advocaten vaak één
of meerdere rechtsgebieden waarin zij gespecialiseerd zijn.
Het is nuttig de specialisaties van de advocaat te vergelijken
met uw probleem. Toch moet het worden gezegd dat de meeste advocaten
alle algemene materies kunnen behandelen.
Wat is een pro deo advocaat? Hoe kan ik een pro deo advocaat
krijgen?
Eventueel komt u in aanmerking voor financiële
steun van de overheid via het systeem van de juridische tweedelijnsbijstand
deze vervangt de, tot en met 31 december 1999 gekende, pro deo
werking. Dat hangt onder meer af van uw inkomen. Als u in aanmerking
komt, stelt het bureau voor juridische bijstand een advocaat
aan. Meer
weten ? Klik hier ...
Welke bijzondere waarborgen biedt de advocaat u ?
De advocaat is lid van de Orde van Advocaten en is
gebonden aan de deontologische en tuchtrechtelijke regels van
het beroep. Hij heeft bovendien een geheimhoudingsplicht en
kan daardoor in alle situaties fungeren als uw juridisch vertrouwensman.
De advocaat kan in elk dossier maar voor één opdrachtgever
werken, met name zijn cliënt. Tussen u, de cliënt,
en de advocaat bestaat een persoonlijk en rechtstreeks contract,
zonder tussenpersoon. Er wordt geen enkele overeenkomst zonder
uw medeweten gesloten. Hooghe, licentiaat,
rechten, advocaat, notaris, deontologie, beroepsgeheim, onafhankelijkheid,
derden, rekening, belangen, advies, pro deo, prodeo, ereloon,
kosten, verhaalbaarheid, echtscheidingswet, 229, 230, 301, huur,
Uw advocaat
kan u terzake de nodige inlichtingen verstrekken ! |
|
|
| |
 |
HET ERELOON EN
KOSTEN
Het ereloon
De advocaat heeft het recht om zelf het ereloon te bepalen.
Het gerechtelijk wetboek (art.459) bepaalt wel dat de advocaat
zijn ereloon dient te begroten met de bescheidenheid die van
zijn ambt moet worden verwacht. Uw advocaat zal meestal van
in het begin een algemene provisie vragen, dit zal dienen om
de eerste kosten te dekken en houdt soms ook een voorschot op
toekomstige prestaties in. Op het eind van de zaak ontvangt
u dan een gedetailleerde afrekening, rekening houdende met de
provisies die u reeds stortte.
Doorgaans worden drie berekeningswijzen
voor de begroting van het ereloon aangewend. Ze zijn in ruime
mate bekend bij het cliënteel:
| |
- vergoeding per tijdseenheid.
- vergoeding naargelang de waarde van de zaak.
- vergoeding naar de aard van de zaak. |
De advocaat kan uiteraard ook
een ander berekeningssysteem toepassen of een combinatie van
de vermelde berekeningswijzen.
Ongeacht de berekeningswijze waarvoor wordt gekozen, dienen
de bedragen in ieder geval in redelijkheid worden vastgesteld.
Volgende elementen kunnen een invloed hebben op het ereloon
:
| |
- de financiële draagkracht
van de cliënt.
- het spoedeisende karakter van de zaak.
- de belangrijkheid van de zaak.
- de moeilijkheidsgraad.
- het behaalde resultaat.
- de ervaring van de advocaat.
- de onderlegdheid van de advocaat in de materie. |
De advocaat dient zijn cliënt
van meetafaan de nodige inlichtingen te geven met betrekking
tot het gevraagde ereloon en de verrekening van de kosten. Het
bedrag dient billijk en gerechtvaardigd te zijn.
De kosten
De kosten zijn de uitgaven die de advocaat mbt. een
aan hem toevertrouwde zaak voor rekening van de cliënt
heeft besteed. Er worden 2 soorten kosten onderscheiden :
- kantoorkosten.(brieven, telefoons, faxen, verplaatsingen,
enz..)
- gerechtskosten.(dagvaarding, uitvoeringskosten, kosten deskundige,
enz..)
De cliënt heeft recht op
een gedetailleerd overzicht van kantoor- en gerechtskosten.
Op 1 januari 2008 wordt een
nieuw principe van kracht waarbij de tegenpartij kan veroordeeld
worden tot het betalen van de kosten van uw advocaat indien
de tegenpartij het proces verliest. In het KB van 26 10 2007
kan u terugvinden over welke bedragen het gaat: Hooghe,
licentiaat, rechten, advocaat, notaris, deontologie, beroepsgeheim,
onafhankelijkheid, derden, rekening, belangen, advies, pro deo,
prodeo, ereloon, kosten, verhaalbaarheid, echtscheidingswet,
229, 230, 301, huur,
Uw advocaat
kan u terzake de nodige inlichtingen verstrekken ! |
|
|
| |
 |
NIEUWE ECHTSCHEIDINGSWETGEVING
VAN KRACHT SEDERT 1 SEPTEMBER 2007
Toepassing van de wet
:
Sedert 01.09.2007 is in België een nieuwe echtscheidingswetgeving
van kracht.
Deze wetgeving is van toepassing op alle nieuwe echtscheidingszaken
die vanaf 01.09.2007 worden ingeleid.
Zaken die reeds waren afgehandeld voor 01.09.2007 blijven onder
de oude wetgeving vallen.
Zaken die nog niet waren afgehandeld voor 01.09.2007 blijven
onder de oude wetgeving vallen maar kunnen onder de nieuwe wetgeving
vallen, indien daarvoor de nodige stappen worden ondernomen.
Het gebeurt met andere woorden niet automatisch. Meer uitleg
hieromtrent vraagt u best via uw advocaat.
Echtscheidingsgronden
:
In de oude wetgeving waren een aantal echtscheidingsgronden
mogelijk :
1) Echtscheiding op grond van overspel. (vroeger art. 229 BW)
2) Echtscheiding op grond van gewelddaden, mishandelingen of
grove beledigingen. (vroeger art. 231 BW)
3) Echtscheiding op grond van 2 jaar feitelijke scheiding. (vroeger
art. 232 BW)
4) Echtscheiding onderlinge toestemming. (vroeger art. 233 BW)
In de nieuwe echtscheidingswetgeving is slechts sprake
van 2 echtscheidingsgronden :
1) Echtscheiding op grond van onherstelbare ontwrichting. (huidig
art. 229 BW)
2) Echtscheiding in onderlinge toestemming. (huidig art. 230
BW)
|
Hieronder volgt een beknopte
uitleg over deze 2 echtscheidingsgronden. Meer uitleg
kan u altijd bekomen via uw advocaat.
1) Echtscheiding op grond van onherstelbare ontwrichting.
(huidig art. 229 BW)
Deze echtscheidingsvorm is helemaal nieuw en bestond dus
niet onder de oude wetgeving.
Toch zal je zien dat bepaalde zaken uit de oude wetgeving
hier terugkomen.
Wat is de definitie van onherstelbare ontwrichting ?
“Het huwelijk is onherstelbaar ontwricht wanneer
de voortzetting van het samenleven tussen de echtgenoten
en hervatting ervan redelijkerwijs onmogelijk is geworden
ingevolge die ontwrichting.”
Hoe lever je dan het bewijs van die onherstelbare ontwrichting
?
Hier zijn 3 mogelijkheden voor :
a) met alle wettelijke middelen : art. 229§1 BW.
b) gezamenlijke aanvraag, na meer dan 6 maanden feitelijke
scheiding : art. 229§2 BW en 1255§1 Ger.W.
c) aanvraag door één echtgenoot na meer
dan 1 jaar feitelijke scheiding : art. 229§3 BW en
1255§2 Ger.W.
a) met alle wettelijke middelen
Het inleiden van een zaak op grond van art. 229 §1
BW gebeurt aan de hand van een dagvaarding. Je kan alle
mogelijke middelen gebruiken om aan te tonen dat je huwelijk
onherstelbaar ontwricht is. Zo kan je vb overspel bewijzen
om aan te tonen dat je huwelijk onherstelbaar ontwricht
is. Dit is aldus iets wat onder de oude wetgeving ook
al bestond. (zie boven). Je moet in alle gevallen met
ernstige bewijzen voor de dag komen die aantonen dat je
huwelijk onherstelbaar ontwricht is.
b)gezamenlijke aanvraag, na meer dan 6 maanden feitelijke
scheiding : art. 229§2 BW en 1255§1 Ger.W.
Hier zal veel gebruik van gemaakt worden. Het is immers
een simpele echtscheidingsgrond die niet veel aanleiding
tot discussie kan geven. Deze zaak kan met een gezamenlijk
verzoekschrift worden ingeleid, wat kostenbesparend is.
Het komt er op aan de rechter te kunnen bewijzen dat de
echtgenoten gedurende een bepaalde periode feitelijk gescheiden
leven, namelijk 6 maanden. Dit valt gemakkelijk te bewijzen
aan de hand van een attest van woonst van beide partijen.
De voorwaarden inzake de feitelijke scheiding moeten in
principe voldaan zijn op het moment van de inleidingszitting.
De rechter kan evenwel de zaak uitstellen tot aan de voorwaarden
voldaan is. De echtgenoten dienen persoonlijk aanwezig
te zijn op de zitting.
c)aanvraag door één echtgenoot na meer dan
1 jaar feitelijke scheiding : art. 229§3 BW en 1255§2
Ger.W.
Is er slechts één van de echtgenoten die
de echtscheiding aanvraagt op grond van feitelijke scheiding,
dan zal het bewijs moeten geleverd worden van een feitelijke
scheiding van 1 jaar. Dit gebeurt opnieuw aan de hand
van een attest van woonst. Er bestaat dan wel een mogelijkheid
dat deze termijn van 1 jaar verkort wordt, indien de andere
echtgenoot zich lopende de procedure akkoord verklaart.
De eisende partij dient persoonlijk aanwezig te zijn op
de zitting.
2) Echtscheiding onderlinge toestemming. (huidig
art. 230 BW)
Deze echtscheidingsvorm bestond reeds onder de
oude wetgeving. Men heeft gewoon hier en daar een wijziging
aangebracht. Voor een echtscheiding in onderlinge toestemming
kan je zowel bij een advocaat als een notaris terecht.
Veel mensen denken ten onrechte dat alleen een notaris
dit mag doen, maar dit is niet correct. Gezien de populariteit
van deze echtscheidingsvorm (snel, gemakkelijk, niet duur)
kon de wetgever deze vorm van echtscheiding niet afschaffen,
wel integendeel. Doordat deze echtscheidingsvorm zo populair
is, heeft de wetgever ervoor geopteerd om één
en ander zelfs wat te versoepelen zodat echtgenoten nog
gemakkelijker en sneller uit de echt kunnen gescheiden
zijn. Waar men onder de oude wetgeving minimum 20 jaar
oud moest zijn en minimum 2 jaar gehuwd, zijn deze 2 vereisten
onder de nieuwe wetgeving afgeschaft. Het speelt dus geen
rol meer hoe oud je bent of hoe lang je gehuwd bent. Vooral
de afschaffing van deze laatste vereiste is een aanzienlijke
versoepeling. Onder de oude wetgeving werd men immers
dikwijls geconfronteerd met echtgenoten die niet voldeden
aan de voorwaarde van een minimumhuwelijkstermijn van
2 jaar, waardoor deze mensen niet konden scheiden in onderlinge
toestemming. Soms moesten deze echtgenoten dan wachten
tot zij aan deze termijn van 2 jaar voldeden. Dit gaf
soms aanleiding tot vervelende situaties. Dit is onder
de nieuwe wetgeving dus geen probleem meer. Het is algemeen
geweten dat de echtgenoten bij een echtscheiding onderlinge
toestemming 2 maal dienen te verschijnen voor de Rechtbank,
waarbij zij hun wil om te scheiden telkenmale bevestigen.
Onder de nieuwe wetgeving bestaat de mogelijkheid dat
je maar 1 maal meer moet verschijnen voor de rechtbank,
namelijk indien partijen op het ogenblik van het neerleggen
van de echtscheidingspapieren, reeds 6 maanden feitelijk
gescheiden zijn. Ook is het zo dat je bij de eerste verschijning
voor de rechtbank zelf moet verschijnen, terwijl je de
2de maal een advocaat of notaris mag laten verschijnen
voor jou.
De nieuwe echtscheidingswetgeving wijzigt grondig
de materie van de uitkering na echtscheiding. (artikel
301 B.W.)
Onder de oude wet was de eventuele uitkering
na echtscheiding het logische gevolg van het winnen of
verliezen van de echtscheiding.
Het al dan niet betalen van een uitkering staat daar nu
los van. Wat telt is de staat van behoeftigheid, niet
of je al dan niet gewonnen hebt. Nu geldt als algemene
regel dat de ex-echtgenoten op elk ogenblik een overeenkomst
kunnen sluiten omtrent de onderhoudsuitkering. Partijen
kunnen dus ook vrij het bedrag van de uitkering kiezen.
Hiermee geeft de wetgever aan dat partijen bij voorkeur
hun onderhoudsafspraken onderling vastleggen. Wanneer
partijen echter niet tot een akkoord kunnen komen hieromtrent
zal de rechter een beslissing moeten nemen. In het kader
van de onderhoudsuitkering speelt het geen rol wie er
winnaar of verliezer is van de procedure. De rechter begroot
de uitkering in functie van de staat van behoeftigheid
van de uitkeringsgerechtigde.Een grote nieuwigheid is
de beperking in de tijd van de uitkering. Hoe langer het
huwelijk geduurd heeft, hoe langer de duur van de uitkering.
De duur van de uitkering mag niet langer zijn dan die
van het huwelijk. Verder is het ook belangrijk te weten
dat de uitkering niet hoger mag zijn dan een derde van
het inkomen van de uitkeringsplichtige echtgenoot. Bent
u onderhoudsgeld verschuldigd? Hoe hoog mag deze uitkering
maximaal zijn? Wat zijn uw rechten en plichten? Twijfel
niet en vraag raad aan uw advocaat!
|
*) BOVENSTAANDE UITLEG IS SLECHTS EEN BEKNOPTE WEERGAVE
VAN DE NIEUWE ECHTSCHEIDINGSWETGEVING.
VOOR EEN VLOTTE LEZING EN EEN EERSTE
INLEIDING ZIJN BEPAALDE ZAKEN UITERST SUMMIER WEERGEGEVEN.
HET IS DAN OOK AANGEWEZEN UW ADVOCAAT
TE CONSULTEREN TENEINDE NA TE GAAN WAT IN UW GEVAL VAN TOEPASSING
ZAL ZIJN.
UW ADVOCAAT WEET RAAD! Hooghe,
licentiaat, rechten, advocaat, notaris, deontologie, beroepsgeheim,
onafhankelijkheid, derden, rekening, belangen, advies, pro
deo, prodeo, ereloon, kosten, verhaalbaarheid, echtscheidingswet,
229, 230, 301, huur,
Uw advocaat
kan u terzake de nodige inlichtingen verstrekken ! |
|
|
| |
 |
BELANGRIJKE WIJZIGINGEN
HUURWETGEVING :
Door de wet van 25.04.2007 is
er voor nieuwe huurcontracten nog slechts een huurwaarborg van
2 maanden huur verschuldigd ingeval er wordt geopteerd voor
een geïndividualiseerde rekening. (Vroeger was dit 3 maanden
huur)
Ingeval er voor een bankwaarborg wordt gekozen dan kan maximaal
3 maanden huur als huurwaarborg verschuldigd zijn.
Vanaf nu zijn alle huurovereenkomsten die betrekking hebben
op de hoofdverblijfplaats van de huurder verplicht schriftelijk
op te stellen.
De schriftelijke huurovereenkomst dient door de verhuurder verplicht
geregistreerd te worden.
Wanneer de verhuurder het te huur stellen van zijn woning publiek
maakt, dan moet de huurprijs ook publiek worden gemaakt, maw.
indien de verhuurder een bordje ‘te huur’ aan het
venster hangt, dan moet daarop ook de huurprijs vermeld staan.
Een plaatsbeschrijving van het verhuurde huis is verplichtend.
De plaatsbeschrijving wordt tegensprekelijk vastgelegd en is
voor gemeenschappelijke rekening.
Gelet op de nieuwe huurwetgeving zal het niet gemakkelijk worden
om te bepalen welke regels van toepassing zijn op uw huurcontract.
Zijn de oude regels nog van toepassing voor u of zal de nieuwe
wetgeving moeten toegepast worden? Wat gebeurt er met uw oud
contract ? Hooghe, licentiaat, rechten,
advocaat, notaris, deontologie, beroepsgeheim, onafhankelijkheid,
derden, rekening, belangen, advies, pro deo, prodeo, ereloon,
kosten, verhaalbaarheid, echtscheidingswet, 229, 230, 301, huur,
Uw advocaat
kan u terzake de nodige inlichtingen verstrekken ! |
|
|
| |
 |
WET VAN 19 MAART
2010 (TREEDT IN WERKING 01 AUGUSTUS 2010) TER BEVORDERING VAN EEN OBJECTIEVE BEREKENING VAN DE DOOR
DE OUDERS TE BETALEN ONDERHOUDSBIJDRAGEN VOOR HUN KINDEREN.
De nieuwe wet inzake de
berekening van de onderhoudsbijdrage voor kinderen :
In eerste instantie wou men een soort van wiskundige berekening
van de onderhoudsbijdrage invoeren, maar uiteindelijk is de
wetgever zover niet gegaan.
Wel zijn er nu een aantal zaken ingevoerd waardoor men tot een
objectievere berekening van de onderhoudsbijdrage moet kunnen
komen, die moet leiden tot een betere aanvaarding van de beslissing
en ook tot een vlottere betaling door de onderhoudsplichtige.
De rechter moet voortaan uitdrukkelijk motiveren waarom men
in een welbepaalde zaak tot een welbepaald bedrag komt.
Ook komen nu alle ‘middelen’ van de ouders aan bod,
dus niet alleen de inkomsten in strikte zin maar vb. ook roerende
en onroerende inkomsten van de ouders, alsook alle voordelen
en andere middelen die hun levensstandaard en deze van de kinderen
waarborgen. Zo wordt er vb. gedacht aan vervangingsinkomsten,
inkomsten uit beleggingen, huurinkomsten, maaltijdcheques, een
bedrijfswagen, enz…
De rechter kan ook voortgaan op tekenen die erop wijzen dat
iemand een hogere graad van gegoedheid heeft dan blijkt uit
de inkomsten. Ook kan de rechter rekening houden met de mogelijkheden
van de ouders om (hogere) inkomsten te verwerven, alsook met
een ouder die vrijwillig stopt met werken om te ontkomen aan
een veroordeling tot betaling van een onderhoudsbijdrage.
In ieder geval zijn er een aantal objectieve parameters ingevoerd
waardoor beter verstaan moet worden waarom uitspraken inzake
onderhoudsgelden niet per definitie altijd en overal gelijk
zijn. De rechter moet dus uitvoeriger motiveren waarom hij tot
een welbepaald bedrag komt en met welke zaken hij daarbij rekening
heeft gehouden.
Elke beslissing moet voortaan volgende elementen vermelden
:
1) de aard en het bedrag van de middelen van elk van de ouders
2) de gewone kosten waaruit het budget voor het kind is samengesteld
alsook de manier waarop deze begroot zijn
3) de aard van de buitengewone kosten
4) de verblijfsregeling
5) het bedrag van de kinderbijslag, sociale en fiscale voordelen
6) inkomsten die elk van de ouders ontvangt uit het genot van
alle goederen van het kind
7) het aandeel van elke van de ouders in de tenlasteneming van
de kosten
8) de bijzondere omstandigheden die in deze zaak in acht genomen
zijn.
Er wordt nu ook een duidelijke omschrijving gegeven
van het begrip buitengewone kosten: uitzonderlijke,
noodzakelijke of onvoorzienbare uitgaven die voortvloeien uit
toevallige of ongewone gebeurtenissen en die het gebruikelijke
budget voor het dagelijkse onderhoud van het kind overschrijden.
Op vraag van 1 van de ouders kan de rechter de partijen voortaan
verplichten om een kindrekening te openen.
Er kan ook een ontvangstmachtiging voor het onderhoudsgeld opgelegd
worden.
De nieuwe wet regelt ook de indexaanpassing van rechtswege.
Er wordt een commissie voor onderhoudsbijdragen opgericht die
aanbevelingen opstelt voor de begroting van de kosten.
De dienst voor alimentatievorderingen (DAVO): elk vonnis zal
voortaan de gegevens van DAVO vermelden.
De wet treedt in werking op 01.08.2010
albaarheid,
echtscheidingswet, 229, 230, 301, huur,
Uw advocaat
kan u terzake de nodige inlichtingen verstrekken ! |
|
|
|